Home arrow Techniek
PDF Afdrukken E-mail
motor.jpg

 

 

Techniek

In deze pagina wil ik nader ingaan op enkele technische details van de 204 en 304, welke overigens ook vaak van toepassing zijn op andere *04 types. Ook vindt U onder "onderhoud" de uit te voeren werkzaamheden voor een kleine, 10.000 of grote beurt voor J7, J9, 104, 204, 304, 305, 404, 504, 604, 505 e.a.

N.B. :Betreffende de 204 en 304 wordt HIER voornamelijk gesproken over de XK4, XL3 en XL3S motoren, vaak is het ook van toepassing op de XL5 en XL5S echter zijn de Diesels, te weten de XLD (tot 1973) en de XL4D evenals de "305" XK5 benzinemotor een beetje buiten beschouwing gebleven. Ook de 304 vanaf Model 1977 blijft hier buiten beschouwing, aangezien deze qua motor, subframe, stuurinrichting, voorwielophanging, naven en velgen, etc.,. grotendeels gelijk was aan de 305.

De doelstelling is dan ook niet, dit een compleet werkplaatshandboek te laten zijn.

Alvast een belangrijke TIP:
Haal bij de 104, 204, 304 en 305 eerst de grill uit de auto, als U in de motorruimte aan het werk wil. Vooral de kunststoffen grills breken eenvoudig, als U er tegenaan leunt. Het is maar een kleine moeite. De volgende rubrieken zijn heden beschikbaar:
-
KOPPELING
- ONTSTEKING
- KLEPPEN (en kleppen stellen)
- ONDERHOUD
- STARTMOTOR
- CABRIO KAP
- ELEKTRO
-
DASHBOARD
- PECH ONDERWEG


$1: de KOPPELING (204/304) Problemen met schakelen:
De koppelingsplaat kan vet zijn (door een zwetende of lekkende) krukas-keerring. Daardoor gaat de plaat aan het vliegwiel plakken, en moeten de synchromesh-ringen overwerk maken (extra snelle slijtage v/d synchromeshes).

Voor elk secundair tandwiel is er een synchromesh-ring, dus als terug van 3 naar 2 goed gaat, wil dit niet zeggen dat andersom even soepel gaat. De tandwielen worden namelijk door middel van de schakelmoffen met daarin de synchromeshes, vastgezet op de uitgaande as. En niet, zoals sommigen denken, dat de tandwielen met de tanden in elkaar worden geschoven. Behalve dan de achteruit, dan wordt er een tussentandwiel tussen twee tandwielen geschoven, wat dan gelijk de omkeer teweeg brengt. De achteruit (R) is dus ook niet op dezelfde manier te synchroniseren.

De viscositeit van de olie is zeer belangrijk! Gewoon 15W40 of 10W40 of 15W50 in de motor is perfect. Hoe dikker de olie, des te moeilijker kan de syncromesh-ring de oliefilm doorbreken om al slippende de tandwielmof op dezelfde snelheid te brengen als het te schakelen tandwiel. Dit duurt ook even, je kunt het voelen (lichte weerstand in de pook)en bij de 204 en 304 zo mooi horen (ieiiiiiiiiiiiiiii) . Dus nooit de schakelpook ruw en snel doorduwen, maar rustig schakelen. Geef de syncromeshes de tijd om hun werk te doen, des te minder slijten ze.

koppeling.gif

figuur 1

Alle 204's en de 304's tot model 1973, hebben stuurschakeling. Die schakelen veelal beter dan de latere (304 S, v.a. model 1973) vloerschakeling, met uitzondering van de achteruit-versnelling(zie verderop). De schakelbediening is daarom v.a.chassisnr.35 96 369 gewijzigd om verbetering te krijgen. (o.a. schakeldeksel en pookstangen (2 stangen i.p.v. 1 buis) ). Dit gewijzigde schakeldeksel is herkenbaar met de schakelbeugel met horizontale lip met een sleufgat i.p.v. verticaal met rond gat. Overigens hebben alle 304 S (dus ook SLS) modellen een afremmechanisme op het draaiend gedeelte in de bak, om het inschakelen van het achteruit- tussentandwiel te vergemakkelijken.
N.B.: Eigenlijk is "versnellingsbak" niet het juiste woord; aangezien het toerental van de krukas wordt vertraagd. Dus feitelijk is het een vertragingsbak.


kopp-cyl.gif

De koppelings-cilinders zijn vaak aanleiding voor schakelproblemen. Vooral de "nemer", de cilinder die op het vliegwielhuis zit met een pen tegen de gaffel. Als deze niet goed meer afdicht (het cupje inwendig) dan komt er lucht in het hydraulische circuit. De koppeling komt dan niet meer goed vrij, omdat lucht samenpersbaar is. Ontluchten (met de nippel bovenop deze cilinder) helpt vaak slechts enkele dagen. Het devies is:(laten-) reviseren of vernieuwen. Nieuwe cilinders: PCN magazijn.


Als de "gever" lekt, kan dit ernstige gevolgen hebben: de remolie lekt dan aan beide zijden van het schutbord naar beneden en bijt o.a. de lak af. Controleer dit regelmatig door goed te kijken bij het koppelingspedaal (achter de veer, bovenaan) of alles droog is. Als uw vloerbekleding nat geworden mocht zijn door gelekte remolie, moet U deze vernieuwen. Bij het vernieuwen van een of beide cylinders, moet U ook minstens een (of beide) afdichtrubbertjes (2091.03) en e.v.t. de wartel(-s) (2091.01) meebestellen en vernieuwen. In de setjes 2095.12 / 2085.02 / 2085.07 en 2085.12 zit behalve de cylinder ook een nieuw rubber en een nieuw ringetje. Vooral de knel/afdichtrubbertjes gaan altijd stuk bij demontage en moeten altijd vernieuwd worden. Let op het ringetje tussen wartel en rubber. Draai de wartel vast met 3 Kgm, het rubber zal door aandraaien van de wartel radiaal uitzetten, waardoor deze afdicht. Te vast aandraaien zal het rubber vernielen. (ongeveer 3 Kgm is voldoende) Het onderdeelnummer voor de "gever"-cylinder van de 304 is 2095.12

Het zo goed mogelijk laten schakelen vereist het volgende:

- goede motorolie (15W50) (3,75 ltr voor motor+bak incl. filter)

- goed werkende koppelingscilinders.
Als er lucht zit in het hydraulische circuit, voelt het pedaal sponzig aan, en u kunt het omklappen van het
diafragma niet meer of pas helemaal onderin voelen. U kunt het goed testen door te ontluchten:
nippel op de "nemer" cilinder op het vliegwielhuis, net onder de linker bovenste motorsteun, losdraaien (3/4 slag). Niet pompen met het pedaal, het loopt vanzelf door. Vang remolie op met een doorzichtig slangetje en potje. Vergeet niet het remolie-reservoir bij te vullen.

- droge koppelingsplaat.
Een lekkende/zwetende krukas-keerring laat de plaat vet worden, waardoor die gaat plakken
aan het vliegwiel of aan de drukgroep, waardoor hij niet vrij komt,gevolg: geen goede synchronisatie meer mogelijk.

- goede motorsteunen
(vooral onder) waardoor het motorblok niet teveel kantelt en de lengte tussen blok en schutbord varieerd. Net alsof de schakelstangen korter en langer worden. Schakeldeksel en stangen van vloerpook-types en stuurschakeling -types zijn overigens NIET uitwisselbaar.

- Goede afstelling en staat van het schakelmechanisme
De stangverbindingen (kogel in kom aan de stang) is vrij robuust, maar vooral bij de vloerpook-types slijten de kunststof-kommen snel. Ze mogen wat zuurvrij vet hebben (even los, invetten, eropdrukken).Indien er merkbare speling is, de stangen vervangen/vernieuwen. Men vindt ze net boven het stuurhuis, in het midden, bij het schutbord. Het luchtfilterhuis moet daarvoor geheel gedemonteerd worden.


! Knoei geen remolie, het bijt lak af ! Dus ook niet op het sub-frame laten druppelen.....!
! Koppeling -demontage vereist overigens een speciaal gereedschap, dit vanwege de conische passing van de drukgroepnaaf op het krukas-uiteinde !
! Zorg dat de motorolie NOOIT boven "Max" op de peilstok staat. liever ietsjes eronder, i.v.m. die eventueel zwetende keerring!



Terug naar menu


$2: de ONTSTEKING (204/304)

ducellier.gif

Voor de XL3 motor kennen we vnl. 2 merken stroomverdelers:
Ducellier en Paris Rhone
De oudere hebben geen vacuum-vervroeging, de latere wel.
De afstellingen verschillen daarom.


$2.1: PINGELEN

parrhone.gif

Het is belangrijk dat het ontstekings-tijdstip juist is afgesteld, anders loopt de motor niet optimaal, of gaat in het ergste geval PINGELEN. Pingelen is het botsen van vlamfronten in de verbrandingsruimte (=de ruimte boven de zuiger), hetgeen wordt veroorzaakt doordat de benzine al gaat branden alvorens de bougie vonkt. Een fractie later vonkt de bougie en die ontbranding van het gecomprimeerde mengsel komt in botsing met de eerdere ontbranding. Pingelen kan enorme motorschade veroorzaken (bijv. gat in de zuiger...)! Oorzaken van pingelen kunnen zijn: koolafzetting; verkeerde warmtegraad van de bougies; verkeerd (te laat) ontstekings-tijdstip; of te licht
ontbrandbare benzine (te laag RON getal).

Dus voor 204, 304, 304S, 504, 604 SUPER 98 gebruiken. Of als alternatief super met loodvervangende middelen. Let op het RON-getal 98 ! Een klep- of koprevisie inclusief een nieuwe koppakking is een dure reparatie.... De ("opgevoerde") 304 S zal gemakkelijker pingelen als er geen Super 98 in zit. Vroeger pingelde een 504 GL al, als er duitse superbenzine in zat (Ron 96). Voor die klanten, die over de grens tankten, verstelde men dan (op verzoek) het ontstekingstijdstip. Maar dat is eigenlijk een paardemiddel.

Terug naar menu


$3: de KLEPPEN

De juiste afstelling van de klepspeling is zeer belangrijk:
Als de motor warm wordt, zetten de klepstelen ook nog iets uit, hetgeen de speling iets kleiner maakt. Daarom moet de klepspeling KOUD worden afgesteld. De juiste speling is van belang voor o.a. de kleptiming, dat zijn de momenten van openen en sluiten. Dat is ook weer belangrijk voor een juiste spoeling (= het mengsel dat via de inlaat binnenkomt, "duwt" de verbrande gassen eruit). Is de klepspeling te groot, dan klopt de kleptiming niet en zullen de tuimelaars luid tikken. Is de klepspeling te klein of nihil, dan kunnen de (uitlaat-)kleppen verbranden doordat ze niet meer sluiten en dus geen koeling krijgen via de klepzitting. Dit kan ook gebeuren door als de kleppen gaan "zweven"; hetgeen in zo'n extreem geval komt doordat de klepveren de klep niet snel genoeg kunnen sluiten. Let dus ook eens op e.v.t. gebroken of slappere klepveren, ofschoon dit bij Peugeot zelden of nooit voorkomt. Bij een algehele motorrevisie kan overwogen worden, ze zondermeer te vernieuwen.

Meestal is de klepspeling na verloop van vele kilometers te klein, omdat de kleppen inslaan op de zetels en door slijtage van tuimelaar e.d. Het laatste is dus het grootste "gevaar" en een kostbare reparatie ligt in het verschiet...
De kleppen dienen elke 20.000 km (Grote Beurt) gesteld te worden. Peugeot hanteert een andere manier van kleppen stellen dan andere merken. Normaal draait men de motor, totdat er 1 stel kleppen van 1 cilinder op "tuimelen" staat. Dan kan men de kleppen van de "getrouwde" cilinder stellen. Zo is cilinder 1 getrouwd met cilinder 4, en 2 met 3 (zuigers gaan gelijktijdig op en neer).


Bij onze oude Peugeot's moet men 1 uitlaatklep geheel geopend (ingedrukt door
de tuimelaar) zetten, en dan de "getrouwde" uitlaatklep stellen. Er zal dan ook 1 inlaatklep open (ingedrukt) staan, stel dus de "getrouwde" inlaatklep af. U mag ook via het tabelletje werken, maar ik vind persoonlijk bovengenoemde methode het makkelijkst. Kleppen stellen is een precisieklusje, en vergt een goede "voelermaatset"; een schroevendraaier (kies een goed passende!!) en een steekring of liefst een gebogen ringsleutel. Zoek voeler 0,10 en 0,25 op, en laat deze uitsteken in een V-vorm; en de andere voelers in de beugel laten. (vooral de 0,05 is nogal kwetsbaar). Meet de speling met de juiste voelermaat (moet er niet te los en zeker niet te stroef tussen doorgaan!!. U voelt dit door de voelermaat in de lengterichting tussen de stelbout en de klepsteel heen en weer te schuiven. Forceer het niet, meestal kan hij er gewoon niet tussen, dan is de speling te klein! Gebruik altijd de ringzijde van de sleutel, nooit de open bek!! (i.v.m. afgeronde zeskanten van de borgmoeren en "leg de pleisters maar vast klaar...") Indien correctie nodig:
Draai de borgmoer los, en laat de ringsleutel op z'n plaats. Draai met de schroevendraaier het stelboutje een kwart slag los; plaats de voelermaat; en draai iets terug, totdat u de voelermaat al schuivend, net niet voelt klemmen. Draai de borgmoer vast en voel opnieuw. Herhaal dit totdat het goed is. Als de borgmoer veel te vast wordt gedraaid, kan de klepstelbout breken, ook later tijdens het rijden, 3 Kgm is voldoende. Met een schoolbordkrijtje kunt U de reeds gestelde tuimelaars simpel merken. Na het stellen de klepdekselpakking controleren, indien nodig vernieuwen! (houdt hiermee vooraf al rekening, zorg voor een nieuwe klepdekselpakking! De rubberen pakkingen in de plaatstalen deksels zitten gelijmd met een soort contactlijm, die bestand moet zijn tegen hitte (tot +/- 150 graden).
Deze pakkingen worden normaliter bij elke Grote Beurt (dus kleppen stellen) vernieuwd.


Waarom die "eigenwijze" Peugeot manier?? Omdat dan van de te stellen kleppen
de tuimelaars exact op de achterkant van de nok (van de nokkenas) staan.Omdat de nokken een eivorm hebben, zou een andere plaats een onjuiste meting (kunnen) veroorzaken. Schrik niet, als u het op de normale wijze (op tuimelen zetten) netjes hebt afgesteld, zit u er qua speling slechts enkele honderdsten van een millimeter naast.

Het Peugeot tabelletje ziet er zo uit:

Geheel open uitlaatklep: Te stellen kleppen:
U1 I3 en U4
U3 I4 en U2
U4 I2 en U1
U2 I1 en U3

(waarbij U = Uitlaat en I is Inlaat)

De klepspeling van alle benzinemodellen is (I) 0,10 en (U) 0,25, behalve voor LPG,
dan wordt de klepspelingen elk met 0,05 vergroot i.v.m. de hogere temperaturen. 204/304/305 DIESEL (XLD/XL4D) is een verhaal apart, een klus voor een Peugeot-monteur. Hier wordt n.l. eerst alle spelingen gemeten en opgeschreven, daarna wordt de nokkenas gedemonteerd om van de stoterbussen waar nodig de vulplaatjes aan te passen. Hiervoor heeft men een set vulplaatjes en een speciaal gereedschap voor het nokkenastandwiel nodig!!!

Vanzelfsprekend vind u de inlaatkleppen aan de carburateurzijde en de uitlaatkleppen aan de zijde van het uitlaatspruitstuk. De onstekingsvolgorde is 1-3-4-2. Bij Peugeot is de eerste cilinder altijd de cilinder aan de koppelingzijde dit in tegenstelling met andere merken, die de eerste cilinder aan distributie- of radiateurzijde hebben. (!!!).


Terug naar menu


$4: de Kleine en Grote BEURT

 

Voor het periodiek onderhoud, kunt U het volgende aanhouden voor de *04 -modellen,
als u geen origineel onderhouds- of instructieboekje meer heeft.


Elke 5000 Km.: (kleine beurt)
- olie verversen (carterstopring vernieuwen)
- doorsmeren (vetnippels, bij 404, 504, 505, 604 ook het tussenlager van de aandrijfas !!! )
- alle niveau's; verlichting; bandenspanning; v-snaar controleren.
- dikte remblokken controleren
- nieuw smeerkaartje.

Elke 10.000 Km.: (10.000 beurt)
- olie verversen
- oliefilterelement vernieuwen
- doorsmeren
- bougies vernieuwen
- luchtfilter-element reinigen en 1/2 slag verdraaien
- alle niveau's; verlichting; bandenspanning en v-snaar controleren.
- dikte remblokken controleren
- accupoolklemmen controleren (corrosie?? goed vast??)
- nieuw smeerkaartje.

Elke 20.000 Km.: (Grote Beurt)
- olie verversen
- versnellingsbak verversen (met 15W50 !!)(alleen 404, 504, 505, 604)
- cardanolie niveau controleren (bovenste plug) (alleen 404, 504, 505, 604)
- doorsmeren
- luchtfilter-element vernieuwen
- 504 Diesel: oliebad luchtfilter ledigen, reinigen en vullen tot net onder de niveau-aanduiding met motorolie. Een te hoog niveau kan de motor op hol doen slaan, doordat er olie opgezogen kan worden door de inlaatbuis. Dit kan grote motorschade tot gevolg hebben.
- alle diesels: olieniveau vacuumpomp (boutje S13 zijkant), niveau = M8-gat, olie: motorolie 15W40
- v-snaar (/snaren) vernieuwen
- bougies vernieuwen
- ontsteking: puntjes vernieuwen, afstellen, verd.-kap en kabels contr.
- accupoolklemmen (standaard Peugeot-types) vernieuwen.
- remmen voor en achter losnemen, controleren, reinigen, evt. blokken en/of voering vern.
- handrem functie en -kabels controleren, e.v.t. afstellen
- alle niveau's; verlichting; bandenspanning controleren.
- bandenprofiel, reservewiel, krik e.d. controleren
- portierscharnieren en portiervangers smeren.
- nieuw smeerkaartje.

Versnellingsbak 504 , 505 en 604:
Het niveau wordt gecontroleerd door de niveau/vul-plug (bovenste) er even uit te draaien. Als er iets olie uitstroomt, weer dichtdraaien (O.K.) Verversen geschiedt door na het aftappen en tevens reinigen van de magneetplug, daarna de bak te vullen met motorolie (ong. 1,5 liter) door de vulopening met behulp van een pomp met slang (rond 12 a 15 mm) o.i.d.

CARDAN 404:
Bij 404 zijn 2 types eindoverbenging toegepast:
- Worm en Wormwiel
- Hypoide cardan
Let op: in het Worm en wormwielcardan van de 404 mag alléén speciale plantaardige olie met een viscositeit van ongeveer 90. Dit i.v.m. het bronzen wormwiel. De gebruikelijke transmissie olie (bijv.80W90) tast het brons aan !!!
In het hypoide-cardan mag wel 80W90 worden toegepast.

CARDAN 504 en 604:
In het cardan van de 504, 505 en 604 types moet de normale transmissie-olie 80W90 Vullen, niveau-controle en aftappen is qua methode gelijk aan versnellingsbak.Inhoud: ruim 1,4 liter

AUTOMAAT:
De automatische versnellingsbak is afgevuld met A.T.F., Automatic Transmission Fluid. Hier mag nimmer een andere soort olie aan toegevoegd worden. Het niveau wordt gepeild door de motor stationair te laten lopen, met de schakelhandel in "P" en op een horizontale ondergrond. Trek de peilstok met de groene handgreep (nabij schutbord onder de motorkap) eruit, veeg het met een pluisvrije doek schoon, en steek hem terug in de buis, nu wederom eruit en het peil aflezen. Vaak staan er meerdere niveaus op de peilstok, dit i.v.m. koude of warme versnellingsbak. 'CHAUD' = warm, 'FROID' = koud (2 zijdige peilstok). Kijk hiervoor eventueel in het instructie-boekje van uw auto. Bijvullen doet u, door met behulp van een klein trechtertje, ATF in de peilstokbuis te gieten. Een 1/4 liter kan al voldoende zijn, om het peil van 'MIN' naar 'MAX' te laten stijgen. De automaat wordt elke 45.000 Km ververst. Let wel, u ververst dan een gedeelte van de olie, de meeste olie blijft in de talrijke kanaaltjes achter. Aftappen onder de wagen, en weer vullen via de peilbuis. De afgetapte hoeveelheid is een goede indicatie om de bij te vullen hoeveelheid te bepalen.

Terug naar menu


$5: de STARTMOTOR

Bij start-problemen:

Accu capaciteit controleren.
Accuklemmen en massakabel checken!!!! De originele accupoolklemmen werden standaard bij elke grote beurt vernieuwd. Eventueel zet u er (tijdelijk?) koperen op (Brezan, Halfords,garagebedr.,.). Startmotor kan revisie nodig hebben.

Terug naar menu


$6: CABRIOLETKAP 204 en 304

Het frame van de cabriolet -kap:

cabframe.gif

En de kap, het tonneau, de lijsten, klitteband, e.d.


cabriokap.gif


Terug naar menu


$7: ELEKTRISCH

$7.1: LAMPEN

TIPS:

- Als een defecte lamp en anderen donkergrijs of bijna zwart van kleur zijn (binnenzijde glas), kan de laadspanning van de dynamo te hoog zijn. Als de spanning boven 14 Volt ligt, verkort dit de levensduur van lampen (en andere elektrische componenten) aanzienlijk!

- Als er een lamp defect is, komt de andere ook snel aan z'n einde, vooral bij koplamp-lampen, als deze tegelijk nieuw gemonteerd zijn. Vernieuw e.v.t. beide (dus links en rechts).

- Zorg dat U een reserveset met lampen en zekeringen bij U in de auto heeft, in Nederland en vele landen in het buitenland min of meer verplicht.

Terug naar menu


$8: DASHBOARD

204 (en 304 GL; Break GL en Commerciales):

Vanonder het dashboard kunt u de bevestigingsbouten bereiken, aan weerszijden van de stuurkolom.

 

304:

De bovenkap kan gedemonteerd worden door de grote ster-schroeven er uit te draaien, 2 links en rechts-onder, en 3 bovenin aan de onderkant. Voor het bereiken van de linkse bovenin, moet men voorzichtig een van de ringen van het instrumentarium er af trekken. Deze zitten geklikt. Dit laatste geldt voor de types met 3 ronde klokken, niet voor de 304's met het rechthoekige instrumentarium (tot aan Salon 1973)

 

504 GL,TI, GL Break/Familiale:

Bovenkap van het dashboard kan met enkele flinke duwen onder de rand losgeklikt worden, daarna iets naar U toetrekken en (naar rechts draaiend) wegnemen. Draai de kap gelijk op kop, anders haken de klemmetjes de stoelbekleding of hoofdsteun van de rechter voorstoel kapot..!



Alle types: (vervolg)
Daarna kunt u bij de bevestiging van het instrumentarium. Alvorens het uitnemen eerst de tellerkabel demonteren (plastic wartelmoer OF bajonetsluiting) en de bedrading losnemen.

Na uitnemen van het instrumentarium kunnen bijv. de lampjes vernieuwd worden,
of een andere reparatie of vervanging worden uitgevoerd. De kleine lampjes zijn van het Bajonet -type (rond met zijdelings 2 pennetjes) OF van het type WB (WedgeBase, fittingloos)


TIP: als de lampjes er een beetje zwart uitzien, kunt u ze beter allemaal vernieuwen. Beide types zijn bij dealer, Brezan, Hallfords, Automaterialen-shop e.d. verkrijgbaar.


$9: PECH ONDERWEG

- Zorg dat U een reserveset met lampen en zekeringen bij U in de auto heeft, in Nederland en vele landen in het buitenland "verplicht". Een gevarendriehoek evenzo, en een verbandtrommel is verplicht in in Oostenrijk (en in Duitsland voor inwoners van Duitsland); maar altijd aanbevolen. Zorg dat uw reservewiel en krik in goede conditie is (smeren). Ook de wielmoer-sleutel. Koop e.v.t. een kruissleutel. Ook handig: een reserve-v-snaar, een plankje voor onder de krik, poetslappen, een paar schroevedraaiers en tangen, of een gereedschaps-setje.


! aan deze tekst kunnen geen rechten ontleent worden, noch aanspraak op schade
als gevolg van het (onjuist) opvolgen van een of meerdere tips.!

LastTimeUpdated: 24-02-2010 © H.W.Sonderen voor PCN


naar boven

 
© Copyright Peugeot Club Nederland
Realisatie: Libra Service Automatisering B.V.